zaterdag 23 maart 2013

Groen komt eraan!

Gisteren fietste ik van de ene naar de andere kant van mijn woonplaats en zag aan de grasvelden langs de kanten van de sloten dat het gras toch echt een stuk groener is geworden de laatste paar dagen. Ook de bomen hebben volle knoppen. Het mooist vind ik de kastanjebomen.

Dat nam niet weg dat het ijzig koud voelde met de harde tegenwind, maar lekker koud met de wetenschap dat mijn warme kop thee zo gemaakt was en een nieuwe buit boeken alweer binnen was. Van de bibliotheek wel te verstaan.

Wat een heerlijk gevoel, te weten dat de lente echt komt, dat je aan de kleine dingen kan zien dat het niet lang meer duurt. Dat het in de ochtend al vroeg licht is (alhoewel met het raam open slapen nu tamelijk koudddd is).

Gisteren een stukje jeugdsentiment op tv met Do ist der Bahnhof. Ik wil ook zo'n tuintje als de gebroeders Temmes hadden. Do...do ist der Bahnhof. Zo'n volktuin waar alles keurig netjes was, iedereen op iedereen let, alle huisjes keurig bruin gelakt zijn, met gordijntjes. Ook de fietstassen waren bruin. De huizen hadden schrootjeswanden, bruin gelakt... Ik begrijp helemaal dat Jan de Bouvrie een verademing was met alles wit! :)


Mijn vader had in de jaren zeventig zo'n lap volkstuin. Niet omdat het trendy was, maar omdat het met 6 kinderen loonde om gratis groente en fruit te hebben. Hij had zich alleen verkeken op het feit dat zo'n volkstuin arbeid, noeste arbeid vergt en daar was mijn vader niet zo goed in. Ook werkte hij gewoon fulltime en lag de lap grond niet naast de deur. Het onkruid groeide harder dan de groentes. Dus moesten wij meehelpen. Spitten, mest uitspreiden, bonen opbinden, oogsten en ondertussen de allerlekkerste aardbeien ooit snoepen. Hij had er geen bal verstand van,wij ook niet en dat betekende dat we 6 weken lang andijvie moesten eten, omdat alles tegelijk opkwam, maar goed...hij deed het wel. En er waren genoeg oude mannetjes op de volkstuin die hem ongevraagd goede raad gaven. Elke keer weer. En controleerden of hij de zaken wel 'goed' deed, waar mijn vader zich zeer aan ergerde. Die bemoeienis.

Ik kreeg een stuk van het achterste gedeelte van hem, omdat het stuk toch veel te groot was en verbouwde daar bloemen op. Voor in droogboeketten (dat deed iedereen medio jaren 70 zo voelde het) en die hingen bij bossen in mijn zolderkamertje. Stof te trekken. Mijn moeder vond het daarom helemaal niets,maar ik genoot van de geuren en kleuren. Daar zal ik wel mijn tuingroenevingers hebben opgedaan. Nog even wachten en dan kan ik weer tekeer in mijn postzegelachtertuin. Heerlijk!



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen