vrijdag 5 mei 2017

Handwerk

Zelfs onze Koningin kan het, gewoon een toertje breien. En het schijnt nog steeds hip te zijn. Ik breide al toen het niet hip was. Op de middelbare school. Dat mocht van de leraar, als ik maar oplette en het niet ten koste van mijn cijfer ging. Gezien mijn eindcijfers ging het dat zeker niet.

http://static.eo.nl/fileadmin/bestanden-2016/_processed_/csm_Koningsdag-2017-14_853ed1e987.jpg


Ik breide als een gek toen. Geen patroon, gewoon beginnen en vooral met fijne kleuren. Rood, roze en Oranje gecombineerd. Nogal gewaagd voor een scholier, maar goed; ik had toen het idee naar de Kunstacademie te gaan en mode te gaan studeren. En kleedde me geheel niet zoals mijn klasgenoten, die of Blues waren (spijkerbroeken) of Soul. Ik maakte een rok van oude stropdassen. Met een blousje van de tweedehandswinkel of rommelmarkt.

Ontwierp kleding, maakte die ook, maar dat breien dat was en bleef heel fijn om te doen. Pen na pen zag je iets ontstaan. Net als weven stel ik me voor. Natuurlijk breide ik ook wel vanuit patronen, zo supercreabea was ik nou ook weer niet, maar omdat ik de patronen aan mijn maat - vooral die patronen vanuit de VIVA, die waren altijd net te klein, moest aanpassen, werd het toch altijd mijn eigen ontwerp uiteindelijk. En vooral de kleuren.

Afbeeldingsresultaat voor breien voor afrika in de jaren 60

In de vorige eeuw had je nog geen YouTube waar je alles kan nakijken en zien. Wel had ik een Oma (de moeder van mijn moeder) die altijd hempjes breide voor de 'zwartjes' (sorry...Oma had weinig besef van Politiek-correcte uitdrukkingen en kwam uit die stad met de Dom). Van die katoenen dingen - geheel vormeloos - waarin ik mijn schoonfamilie nooit heb gezien trouwens. Maar mij breien leren, daar had ze geen geduld voor en trouwens ook geen zin in. Mijn Oma had al snel nergens zin in. Die wilde altijd vermaakt worden. Door anderen welteverstaan.


Handwerkles op de middelbare school motiveerde ook niet echt om nou eens lekker te gaan handwerken. Een lap knalgroene katoen en daar moesten de meisjes, want jongens gingen lekker zagen en timmeren, een blouse van maken. Blouse??? Ik weet nog dat ik een blouse maakte met haakse hoeken en het zag er niet uit en ik heb dit nooit aangehad. Het is een wonder dat ik later mijzelf leerde naaien en dat nog leuk vond ook.

Toch stond bij ons thuis dat handwerken niet hoog aangeschreven. Ja, verstellen; dat wel. Je sokken stoppen of onderbroeken weer in elkaar naaien. Of een broek korter maken. Alleen maar nuttig bezig zijn.

Ik had een tante die echt heel erg goed kon borduren en naaien, alleen had ze niet echt een eigentijdse smaak. Of liever gezegd, weinig smaak, noch kraak. Dus bij ons thuis werd door mijn ouders alles belachelijk gemaakt wat er uit haar handen kwam. Ook al was het nog zo goed gemaakt. Dan prees mijn moeder op de op haar bekende omwegwijze mijn tantes resultaat. Oh...wat een aparte stof!

Dan wisten wij alweer hoe laat het was. Apart staat voor stom en afgekeurd en daarmee was het hele project gedegradeerd tot stom. Helaas was dit dan vaak een kledingstuk voor mij. Dan wist ik dus dat ik rondliep in iets wat mijn ouders stom vonden. Maar ja....ze waren te schijterig om te zeggen dat het niet leuk was en ik dat niet aanhoefde. Of het gewoon achter de Rodondendrons mieteren. Ik moest het ensemble iedere zondag aan dan. Of het kriebelde, jeukte of wat dan ook. Want ze wilden niet dat andere Opa en Oma het opmerkte dat ik de creatie niet droeg. Want dan zou denk ik de erfenis niet veilig zijn of de aarde opensplitten of zo iets ergs. Want tante was wel de lieveling van haar ouders. Mijn vader het zwarte schaap.

Het komt denk ik uit afgunst en angst dat er ook maar iemand iets beter kan dan zij. Dat tante maar niet moest denken dat zij wat voorstelde met haar handwerkjes. Een soort broer-zus strijd die hun hele leven werd gestreden. Toch herinner ik me haar als een lieve tante voor mij als kind. Ze leerde me hoe je haar opsteekt, via een pop met lang blond haar, die ik van haar kreeg. En waar ik kleertje voor maakte. Maar ja...ik had helemaal geen lang haar, want ging jarenlang naar dezelfde herenkapper als mijn broers. Bloempot erop en knippen maar!

Vond mijn moeder ook lastig; lang haar verzorgen. Of überhaupt verzorgen.

Dus du moment dat ik ook creatieve genen bleek te hebben (mijn beide ouders dus niet), was het als er mensen buiten het gezin dit opmerkten GEWELDIG, maar waren die weg, dan moest ik heus niet denken dat ik wat bijzonders kon. Het stelde weinig voor. Je had er niks aan.

Een tekenleraar op de middelbare school dacht daar gelukkig anders over, maar dan nog. Ik moest echt niet denken dat de Kunstacademie iets voor ons soort mensen was. Nee hoor, daar kon je niets mee en ook je brood niet mee verdienen.

Zo heb ik het ervaren en ik weet zeker dat mijn moeder daar een heel ander verhaal van maakt. Want nu hoor ik haar tegen anderen zeggen hoe goed ik dingen kan, dat ik toch zo goed kon leren en oh ja..dat ik kennelijk ook zo goed kan breien.
Maar nu telt het niet meer. Ik had het nodig toen ik jong was en onzeker. Nu voelt het alsof mijn moeder met me pronkt, maar in de avond mijn veren weer in de kast opruimt.







5 opmerkingen:

  1. Hmmm... ik weet niet zo hoe het vroeger bij ons altijd in elkaar stak. Ik weet ook niet hoe alle lijntjes en lievelingetjes liepen. En misschien is dat maar beter ook. Jij weet het heel goed te verwoorden. Maar houdt dat ook niet in dat je er nog erg mee bezig bent? Zou je niet kunnen zeggen.. "Fuck it wat jullie vonden?" Gewoon NU doen waar je vindt dat je goed in bent. Schijt aan alles en iedereen. Lekker breien, zo bont als het maar kan, en nergens op een complimentje of goedkeuring wachten. Gewoon doen wat jij NU leuk en mooi vindt! Stijg boven je familie en je verleden uit...
    Zo, was dat ff makkelijk gezegd he? :D

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Triest dat je zo weinig gewaardeerd werd om wie je was. Ik denk dat je veel meer in je mars had dan je ouders begrepen. Daardoor ben je veel misgelopen.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Mijn moeder is er ook nooit eentje van het verzorgende soort geweest. Te druk met zichzelf. Na de lagere school wilde ik naar de Hugo de Vriesschool om bloembinden te leren, maar dat vonden mijn ouders te laag, want ik kon naar de havo. Geslaagd maar nooit een vak geleerd...
    Ik breide voor mezelf ook truien op de middelbare school. En kocht tweedehands kleding op de markt in Rotterdam.
    We hebben aardig wat overeenkomsten!
    Lieve groet

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Ik was een creatief kind, altijd in de weer met lapjes en tekenmateriaal.
    Ik wilde textiele vormgeving gaan doen maar dat mocht niet van mijn ouders. Ook bloemiste en kleuterjuf werd afgewezen.
    Ik ging de gezondheidszorg in en heb altijd met tegenzin gewerkt.
    Pas de laatste jaren haal ik weer voldoening uit creatieve dingen. Mijn moeder kijkt nog altijd zeer misprijzend naar mijn quilts, tekening, gedichten of wat dan ook.
    Ik kwam een tijdje geleden een klasgenootje van de lagere school tegen.
    "Jij kon zo goed tekenen", zei ze.... Ze was verbijsterd dat ik er niks mee gedaan heb.

    BeantwoordenVerwijderen